Het sprookje over de Fransen die over het ijs zomaar ons land binnen marcheerden, is opnieuw genuanceerd. In oktober publiceerde Raymond Uppelschoten zijn tweede artikel van dit jaar over de oorlog van 1793-1795, toen de Staatse legers met Britten en Hessen vochten tegen de Franse revolutionaire legers. In het tijdschrift Oud-Utrecht schreef hij over het Korps Landzaten: vrijwillige soldaten die werden ingezet bij de artillerie.

landzaat korps landzatenKorps Landzaten

In verschillende provincies werden compagnieën van het korps opgericht, na een oproep van de stadhouder in de vergadering van de Staten-Generaal. Ook de Staten van Utrecht deden mee: in oktober werden twee compagnieën opgericht, in Amersfoort en Utrecht. De luitenants van de artillerie Mock en Penning werden beiden benoemd tot kapitein.

Weinig roem voor soldaten

Voor de Utrechtse landzaten was er echter weinig roem te behalen. Allereerst werd het beoogde aantal van 300 soldaten bij lange na niet gehaald. Het waren er maar ongeveer 150. En toen de oorlog op 16 januari 1795 afliep, hadden de landzaten waarschijnlijk geen schot gelost. Op het moment dat het echt spannend werd, trok kapitein Mock met zijn landzaten weg uit Vreeswijk, aan de Lek. Dat was de enige plaats waar ze nog Fransen hadden kunnen zien. De Amersfoortse landzaten bevonden zich ver weg op de Grebbelinie en in de kazernes in de stad.

Meer weten?

Lees dan het artikel in Oud-Utrecht waarin de hele geschiedenis van dit bijzondere korps uit uit de doeken gedaan. Of kom naar de Stadhoudersdag op 8 maart aanstaande. Daar geven Raymond Uppelschoten en andere specialisten interessante presentaties over deze periode.

Is dat nog niet genoeg?

Schrijf je dan in voor onze nieuwsbrief en blijf op de hoogte van prenten, publicaties en wetenswaardigheden over deze vijftien jaar met prinsen en patriotten. Geen reclame of promoties, maar al het nieuws tussen 1780 en 1795, elke maand gemakkelijk in je inbox.